Biologische bestrijding van ziekten, plagen en onkruiden
Om ziekten, plagen en onkruiden in de land- en tuinbouw te bestrijden kunt u een natuurlijke vijand van het schadelijke organisme gebruiken. Deze natuurlijke vijand noemen we een biologische bestrijder, bijvoorbeeld roofmijten, sluipwespen of andere roofdieren en parasieten. Biologische bestrijders spelen een belangrijke rol bij de duurzame en veilige teelt van voedsel.
Wanneer is een ontheffing nodig?
U moet in bepaalde gevallen een ontheffing aanvragen voordat u gebruik mag maken van een biologische bestrijder. Het gebruik van een niet-inheems of een gekweekt organisme als biologische bestijder kan een schadelijk effect hebben op beschermde dier- en plantensoorten. Als een uitheemse soort (bijvoorbeeld het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje) in de vrije natuur terechtkomt, dan is het mogelijk dat deze soort zich verspreidt en de inheemse soorten verdringt.
Er zijn twee categorieën bestrijders:
-
Soorten waarvoor geen ontheffing nodig is
Deze soorten zijn niet schadelijk voor onze inheemse planten en dieren. Ze mogen zonder ontheffing buiten en in kassen worden uitgezet. Deze soorten staan in Bijlage 5, 6 en 7 van de Regeling vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten (zie Verwante informatie). -
Soorten waarvoor wel ontheffing nodig is
Dit zijn de soorten die niet onder categorie 1 vallen. In het menu aan de linkerkant leest u hoe en waar u een ontheffing aanvraagt.